Biologische wijn is de laatste jaren steeds vaker te vinden in supermarkten, wijnwinkels en op restaurantkaarten. Toch weten veel mensen niet precies wat het inhoudt. Is het gewoon een marketingterm, of zit er echt een verschil achter? Het antwoord is duidelijk: er zijn concrete regels waaraan zo’n wijn moet voldoen. En die regels beginnen al lang voordat de druiven worden geplukt.
Van biologische druif tot biologisch glas wijn
Bij het maken van biologische wijn draait alles om wat er op het veld gebeurt. Telers die biologisch werken, gebruiken geen kunstmest en geen synthetische bestrijdingsmiddelen. Ze bestrijden ziekten en plagen op een natuurlijke manier, bijvoorbeeld door bepaalde planten tussen de wijnstokken te zetten of door insecten in te zetten die schadelijke beestjes opeten. De bodem krijgt de tijd om zichzelf te herstellen en te verrijken. Dat klinkt eenvoudig, maar vraagt in de praktijk veel aandacht en vakkennis. Wijnmakers die voor een biologisch keurmerk gaan, laten hun wijngaard door een officiële instantie controleren. Pas na een omschakelingsperiode van drie jaar mogen ze hun wijn echt als biologisch verkopen.
Wat mag er wel en niet in de fles
Naast het werk in de wijngaard zijn er ook regels voor wat er tijdens het wijnmaken wordt toegevoegd. In gewone wijn zitten soms tientallen toegestane additieven, zoals kunstmatige gistingsversnellers, enzymen of kleuringsstoffen. Bij een biologisch gecertificeerde wijn is de lijst met toegestane toevoegingen veel korter. Sulfiet, een stof die wijn langer houdbaar maakt, mag in beperkte hoeveelheden worden gebruikt. De maximale hoeveelheid sulfiet ligt bij biologische wijn lager dan bij gewone wijn. Dit is een verschil dat sommige mensen merkbaar vinden, zeker als ze gevoelig zijn voor sulfiet. Biologisch betekent dus niet dat er helemaal niets aan de wijn wordt toegevoegd, maar wel dat de ingrepen minimaal zijn en aan strenge regels voldoen.
Smaakt biologische wijn anders
Dit is een vraag die wijnliefhebbers verdeelt. Wetenschappelijk bewijs dat biologische wijn altijd beter of anders smaakt, is er niet. Toch zeggen veel mensen die regelmatig wijn drinken dat ze een verschil proeven. Wijnmakers die biologisch werken, zijn vaak ook meer bewust bezig met het uitdrukken van het terroir, dat wil zeggen de unieke smaak van de plek waar de druiven groeien. De grond, het klimaat en de omgeving komen zo beter tot uiting in het glas. Dat geeft de wijn een persoonlijk karakter dat je bij grote industriële productie minder vaak tegenkomt. Of je dat waardeert, hangt natuurlijk af van je eigen smaak. Maar het is zeker de moeite waard om het een keer te proberen naast een vergelijkbare conventionele wijn.
Biologisch en biodynamisch zijn niet hetzelfde
Mensen verwarren biologische wijn regelmatig met biodynamische wijn. Dat is begrijpelijk, want er is overlap, maar ze zijn niet hetzelfde. Biodynamische wijnbouw gaat nog een stap verder dan biologisch. Het is gebaseerd op de ideeën van de filosoof Rudolf Steiner en ziet de wijngaard als een gesloten systeem dat in balans moet zijn met de natuur en de kosmos. Biodynamische telers werken bijvoorbeeld met een zaai en oogstkalender die is afgestemd op de stand van de maan. Preparaten gemaakt van planten en mineralen worden gebruikt om de bodem en de planten te versterken. Alle biodynamische wijnen zijn daardoor ook biologisch, maar niet alle biologische wijnen zijn biodynamisch. Wie dus een biologische fles koopt, kan ervan uitgaan dat de druiven zonder chemische middelen zijn geteeld, maar dat de wijnmaker niet per se de volledige biodynamische filosofie volgt.
Veelgestelde vragen
Heeft biologische wijn een officieel keurmerk?
Ja, biologische wijn heeft in Europa een officieel keurmerk. Dat is het Europese biologische logo, ook wel het groene blad met sterretjes. Om dit keurmerk te mogen gebruiken, moet de wijn voldoen aan de Europese regelgeving voor biologische landbouw en wijnproductie. Naast het Europese keurmerk zijn er ook nationale en private keurmerken, zoals Demeter voor biodynamische wijn of EKO in Nederland.
Is biologische wijn duurder dan gewone wijn?
Biologische wijn is in veel gevallen iets duurder dan vergelijkbare conventionele wijn. Dat komt doordat biologisch telen meer handwerk vraagt en de opbrengst per hectare lager ligt. Bovendien brengt de certificering extra kosten met zich mee. Toch is het prijsverschil de laatste jaren kleiner geworden, mede doordat de vraag groter is geworden en meer producenten de overstap maken.
Bevat biologische wijn geen sulfiet?
Biologische wijn bevat in bijna alle gevallen wel sulfiet, maar in een lagere hoeveelheid dan gewone wijn. Sulfiet wordt gebruikt als conserveermiddel en beschermt de wijn tegen oxidatie en bacteriegroei. De Europese regels bepalen dat biologische wijn minder sulfiet mag bevatten dan conventionele wijn. Wijn die helemaal geen sulfiet bevat, wordt ook wel sulfiietvrije wijn of natuurwijn genoemd, maar dat is een aparte categorie.
Hoe bewaar ik een fles biologische wijn het beste?
Een fles biologische wijn bewaar je het beste liggend op een koele, donkere plek met een stabiele temperatuur, tussen de 10 en 15 graden. Omdat biologische wijn minder sulfiet bevat, is hij soms iets minder lang houdbaar dan gewone wijn. Het is daarom verstandig om de houdbaarheidsinformatie op het etiket te lezen en de wijn niet te lang te bewaren tenzij je zeker weet dat hij geschikt is voor langere opslag.


