De verrassende wereld van droge rode wijn

file

Inhoudsopgave

Wat maakt een rode wijn droog

Rode wijn krijgt het label ‘droog’ wanneer er bijna geen suiker meer in de wijn zit. Tijdens het maken van wijn zetten de druiven zich om in alcohol. Tannines zijn stofjes uit de schil, de pitjes en het hout van vaten waarin wijn soms rijpt. Zij zorgen voor die lichtdroge sensatie op je tong.

Bekende druivensoorten en soorten droge rode wijn

Er zijn veel verschillende druiven waaruit droge rode wijn gemaakt wordt. De bekendste soort wereldwijd is de Cabernet Sauvignon. Hieronder volgen enkele populaire druivensoorten.

  • Cabernet Sauvignon – groeit in Frankrijk, maar ook in Australië, Chili en Zuid-Afrika. Geeft stevige wijnen met smaken van zwarte bessen en soms een beetje peper of hout.
  • Merlot – wijn van deze druif is iets zachter en soepel, met tonen van kersen en pruimen.
  • Pinot Noir – wijn van Pinot Noir is vaak lichter van kleur, maar rijk van smaak met iets aardse en fruitige tonen.
  • Tempranillo – uit Spanje.
  • Sangiovese – uit Italië, vooral bij liefhebbers van mediterraanse wijnen.

Hoe kun je droge rode wijn het beste proeven en serveren

  • Giet een beetje wijn in een glas en kijk naar de kleur. Droge rode wijn heeft vaak een diepe, robijnrode tint.
  • Ruik aan de wijn: je zult fruit, kruiden of soms zelfs tabak en leer herkennen.
  • Neem daarna een kleine slok. Let op wat je proeft: fruit zoals bessen of kersen, misschien een beetje peper, chocolade of koffie.
  • Drink rode wijn op de juiste temperatuur, meestal tussen de 16 en 18 graden. Te koud verlies je veel smaak, te warm smaakt de alcohol sterker.
  • Schenk niet teveel in een keer in je glas, zo kun je goed ‘walsen’ met je glas waardoor de geuren vrijkomen.
  • Gebruik het liefst een wat groter rond glas om alles te ruiken en proeven.

Droge rode wijn en eten: een sterke combinatie

Droge rode wijn past bij veel soorten eten. Het stevige karakter van deze wijn combineert goed met vleesgerechten zoals rund, lam of wild. Ook pittige ovenschotels, stoofpotjes en zelfgemaakte pizza passen erbij. Kaas is ook een goede partner, vooral oude en harde soorten. Serveer je vis, kies dan voor een lichtere rode wijn, bijvoorbeeld Pinot Noir. Tip: proef de wijn graag naast verschillende smaken. Dat kan verrassend goed uitpakken! Zet een schaal met stukjes kaas, worst, olijven en wat stukjes puur brood erbij, en probeer uit wat jouw favoriet is. Je zult merken dat een droge wijn een maaltijd op een andere manier tot leven kan brengen.

Meest gestelde vragen over droge rode wijn

Waarom heet het droge rode wijn? De naam droge rode wijn betekent dat er bijna geen suiker meer in de wijn zit. Door het ontbreken van suiker proeft de wijn niet zoet.

Wat zijn tannines in droge rode wijn? Tannines zijn natuurlijke stoffen uit de schil en pitten van druiven. Ze zorgen voor een droge, soms wat stroevere smaak in de mond.

Welke gerechten passen bij droge rode wijn? Droge rode wijnen passen meestal goed bij vleesgerechten, stevige kazen, stoofpotjes en pizza. Lichtere rode wijnen combineren soms ook met vis.

Is alle rode wijn droog? De meeste rode wijnen zijn droog, omdat bijna al het suiker vergist is. Toch bestaan er ook rode wijnen die wat zoeter zijn.

Hoe bewaar je droge rode wijn? Droge rode wijn bewaar je het beste op een koele, donkere plek. Een geopende fles kun je meestal drie tot vijf dagen bewaren in de koelkast.