Recept stoofvlees met rode wijn: zo maak je het stap voor stap

file

Inhoudsopgave

Een goed recept voor stoofvlees met rode wijn geeft je mals, smaakrijk vlees dat bijna uit elkaar valt. Het geheim zit in lage temperatuur, voldoende tijd en een stevige rode wijn die de saus diepte geeft. Dit is het basisrecept dat je elke keer goed lukt, met tips voor de juiste keuzes onderweg.

Ingrediënten voor 4 personen

Je hebt de volgende ingrediënten nodig voor een pan stoofvlees met rode wijn voor vier personen:

  • 800 gram runderstoofvlees (sucadelappen of riblappen)
  • 250 ml rode wijn (bij voorkeur een volle, droge wijn zoals een Côtes du Rhône of Merlot)
  • 200 ml runderbouillon
  • 2 uien, grof gesneden
  • 3 teentjes knoflook, fijngehakt
  • 2 eetlepels tomatenpuree
  • 2 laurierblaadjes
  • 2 takjes tijm
  • 1 eetlepel bloem
  • Roomboter of olijfolie om in te bakken
  • Peper en zout

Gebruik je een goedkopere wijn, dan proef je dat terug in de saus. Je hoeft geen dure fles te openen, maar kies wel een wijn die je ook zelf zou drinken. Een zure tafelwijn geeft een vlakke, dunne saus.

Recept stoofvlees met rode wijn: zo bereid je het

Dep het vlees droog met keukenpapier en snijd het in blokken van ongeveer vijf centimeter. Bestrooi ze royaal met peper en zout, en wentel ze daarna licht door de bloem. Dat geeft straks een mooie bruine korst en helpt de saus iets te binden.

Verhit boter of olie in een braadpan op hoog vuur. Bak het vlees in twee of drie porties aan zodat de stukken niet op elkaar liggen. Zodra de stukken rondom goudbruin zijn, haal je ze uit de pan. Dit aanbraden duurt per portie ongeveer drie minuten aan elke kant. Doe je het in één keer, dan stoomt het vlees en wordt het niet bruin.

Fruit in hetzelfde vet de gesneden ui op middelhoog vuur voor vijf minuten. Voeg de knoflook toe en bak die nog een minuut mee. Roer dan de tomatenpuree door de ui en laat die een minuut karamelliseren. Dat verdiept de smaak van de saus.

Giet de rode wijn erbij en schraap de aanbaksels van de bodem los. Voeg de bouillon toe en leg het vlees terug in de pan. Voeg de laurierblaadjes en tijm toe. Breng alles aan de kook en zet het vuur dan laag.

Hoe lang stoof je het vlees?

Stoofvlees heeft tijd nodig. Op een laag vuur met het deksel op de pan is het vlees na minimaal twee uur gaar. Drie uur geeft nog betere resultaten: de smaak trekt verder in en het vlees valt makkelijker uit elkaar. Controleer af en toe of er nog genoeg vocht in de pan zit. Is de saus te dun aan het einde, dan zet je het vuur hoog en laat je de saus zonder deksel inkoken tot de gewenste dikte.

Je kunt dit recept ook in de oven maken op 150 graden Celsius. Dat geeft een gelijkmatiger warmteverdeling en je hoeft minder op te letten. De bereidingstijd blijft hetzelfde: twee tot drie uur. Een derde optie is de slowcooker, waarbij je het vlees zes tot acht uur op de lage stand laat garen.

Handige tips voor het beste resultaat

Haal het vlees een halfuur voor het bakken uit de koelkast. Koud vlees schrikt het vet af en bakt minder gelijkmatig. Zout je ook pas vlak voor het bakken, anders trekt het vocht uit het vlees.

Laurier en tijm geven de klassieke smaakbasis, maar je kunt ook rozemarijn, een paar jeneverbessen of een scheutje azijn toevoegen voor een iets scherpere saus. Sommige mensen voegen een lepeltje suiker of een stuk pure chocolade toe om de saus te afronden. Proef aan het einde en pas de smaak aan.

Dit gerecht smaakt de dag erna nog beter. De smaken trekken verder in als het stoofvlees afkoelt en opnieuw opgewarmd wordt. Maak het dus gerust een dag van tevoren en bewaar het afgedekt in de koelkast.

Serveer het stoofvlees met rode wijn met gekookte aardappelen, friet, rijst of een stuk stevig brood om de saus mee op te dippen. Een groene salade erbij houdt het lekker licht. De pan kun je ook prima op de barbecue bereiden, zolang je een gesloten deksel gebruikt en de temperatuur laag houdt.